Clowntje Lambert

Hoog in de lucht viert de zon in al zijn triomfantelijke glorie de zomer. Uit alle macht perst hij de ene na de andere hete zonnestraal richting de blauwe planeet. De bijkomende hitte smelt het asfalt vast aan de zolen van Clown Labert’s grote parelmoeroranje clownsschoenen. De witte schmink op het gezicht van de clown is hard als de verkoolde Pizza Margarita, die een dronken student in de oven gelegd heeft tijdens een nachtelijke vreetbui, om vervolgens op de bank in slaap te vallen. Als een masker. De rode schmink die aangebracht is rond zijn mond veinst een lach. De getekende traan op de wang van Lambert lijkt in zijn gezicht geëtst. Clowntje lacht, clowntje huilt, maar vandaag wordt er alleen gehuild door Lambert, gehuild en gezweet. Uit de gigantische borstzak van zijn veel te grote geruite colbert trekt Lambert een ironisch klein zakdoekje zo groot als een postzegel. Hij zet zijn aktekoffer neer en neemt zijn bolhoedje af. Vervolgens veegt hij het kleurige vodje over zijn zweet doordrenkte kop. Het doekje zuigt exact twee druppels zweet op voordat het voldaan is. Lambert plaatst het hoofddeksel terug op de witte plek op zijn hoofd die de zon niet heeft weten te bereiken. Met zijn onhandige witte handschoenen wringt hij een druppel uit het katoen, en steekt hij het half natte doekje terug in zijn borstzak.

Een voordeel van clown zijn, is dat je grote broekzakken hebt. Het nadeel van grote broekzakken is dat je altijd je autosleutels kwijtraakt. Lambert begint te graaien in zijn linker broekzak. Een zak ballonnen, een bos bloemen, een dode duif van een mislukte goocheltruc. In zijn rechter broekzak. Een halfvol waterpistool, een computermuis, een Frans – Duits woordenboek dat Lambert niet kan lezen omdat hij geen van beide talen spreekt en een reservewiel, maar nog altijd geen sleutels. Moedeloos tikt hij het raampje van zijn auto in en opent het portier van binnenuit. Hij gooit zijn koffertje op de bijrijdersstoel en vouwt zich in het autootje tot zijn knieën bijna tegen het lage dak aankomen.

De beroepsclown haalt de reservesleutel onder de zonneklep vandaan, steekt hem in het contact en draait hem om. Protesterend  en hard kuchend als een bronchitispatiënt komt het beestje tot leven. Lambert trapt de koppeling in, zet hem in de eerste versnelling en geeft wat gas bij waarna het ding kreunend en piepend de parkeerplaats afrijdt. Het raampje aan de bijrijderskant wordt opengedraaid in een poging de hitte te verjagen, maar enkel hete lucht vindt zijn weg naar de auto. Lambert staart doelloos om zich heen terwijl hij zich door het drukke centrum naar huis verplaatst. Op de stoep ziet hij vrolijke mensen met zonnebrillen die genieten van het weer. Vrouwen in korte rokjes en mannen in korte pantalons. Kinderen likkend aan ijsjes en honden die content met hun tong uit hun bek naast hun baasjes slenteren. Zomervakantie. Juist nu kiest Lambert er ondanks een gebrek aan klandizie voor om toch zoveel mogelijk te werken. Elke dag hopeloos op zoek naar afleiding.

Thuis aangekomen tilt onze clown de deurmat op, pakt de reserve huissleutel en loopt zijn woning binnen. Energieloos trekt hij de voordeur achter zich dicht. Door de glazen binnendeur die de gang met de woonkamer verbindt valt alleen maar duisternis. Lambert opent de deur en loopt de woonkamer binnen waar alle gordijnen potdicht zitten om de hitte, maar vooral ook het licht, buiten te houden. Hij wordt meteen gegroet door een luid mauwende kater die lijkt te schreeuwen om eten. De sleutels worden richting salontafel gelanceerd maar eindigen met een luid gerinkel achter de radiator. De rode clownsneus en het aangekoekte masker gaan af. Onder de getekende traan sijpelen opgedroogde en verse tranen vanuit zijn ooghoeken naar beneden, zijn ogen zijn rood van verdriet en dood van leegte. Het trieste clowntje loopt naar de keuken en trekt een zak kattenvoer open die hij leeg strooit over de vinyl vloer. Daar kun je wel een week mee vooruit toch?” vraagt Lambert aan de kat, de kat geeft geen antwoord. De kat die zich meteen op het eten gestort heeft ontvangt een laatste aai over zijn bol waarna Lambert terug naar de woonkamer loopt. Een stoel wordt onder de salontafel uitgetrokken en strategisch in het midden van de kamer geplaatst waarna Lambert erop gaat staan. Uit de zak van zijn colbertje trekt hij een rode zakdoek, die vastgeknoopt is aan een gele zakdoek, die vastgeknoopt is aan een groene zakdoek, die vastgeknoopt is aan een oranje zakdoek, die vastgeknoopt is aan een paarse zakdoek, die vastgeknoopt is aan een blauwe zakdoek..

Geef een reactie